Vacature Master Thesis Onderzoek – De politiek van Nederlandse steun in Palestina en het stopzetten van de medefinanciering van een Palestijnse NGO

Nederland besloot in 2022 de financiering voor de Palestijnse NGO UAWC (Union of Agricultural Work Committees) stop te zetten. UAWC ondersteunt duizenden Palestijnse boeren, vooral in gebieden op de Westelijke Jordaanoever waar Israël een illegale kolonisatiepolitiek voert. Israël heeft lang druk uitgeoefend op donoren om de steun aan UAWC te stoppen, omdat het volgens Israël een mantelorganisatie is van de Palestijnse verzetsbeweging PFLP (People’s Front for the Liberation of Palestine).

Nederland heeft UAWC extern laten onderzoeken door een bureau dat gespecialiseerd is in veiligheidsvraagstukken. Uit het externe onderzoek zou blijken dat sommige (voormalige) medewerkers banden hebben met de Palestijnse verzetsbeweging PFLP. De UAWC reageerde geschokt op het besluit van de Nederlandse overheid en betoogde dat het externe onderzoek geen aanwijzingen had gevonden voor financiële stromen tussen UAWC en de PFLP, noch voor organisatorische banden tussen beide organisaties.

De Boerengroep en Rurale Sociologie hebben in mei 2022 met een beroep op de Wet openbaarheid van bestuur (WOB/WOO) verzocht om informatie met betrekking tot het besluit van Nederland om de financiering aan de Union of Agricultural Workers Committee (UAWC) stop te zetten. In januari 2024 is de gevraagde informatie toegestuurd, bestaande uit meer dan 600 documenten, variërend van (korte) e-mails tot notities. De WOB/WO-documenten bieden inzicht in hoe de Nederlandse overheid tot het besluit is gekomen om de financiering aan UAWC stop te zetten, en meer in het algemeen:

  1. De politieke context waarin een dergelijke beslissing is genomen;
  2. De criteria die het hanteert, en;
  3. De afwegingen die de overheid daarbij maakt.

Voor een kwalitatieve analyse van de documenten en het doen van vervolginterviews wordt gezocht naar een masterstudent. Deze masterstudent dient te beschikken over Nederlandse taalvaardigheid en bij voorkeur bekend te zijn met kwalitatieve onderzoeksmethoden. Het onderzoek is interessant voor die studenten die geïnteresseerd zijn in onder meer i) het politieke krachtenveld waarin overheidsbeleid en besluitvorming tot stand komen, ii) veiligheidsvraagstukken in relatie tot medefinanciering en iii) de politiek van hulp in de context van langdurig conflict. Gezien de omvang van het materiaal, is er ruimte om een eigen invulling te geven aan het onderzoek.

Voor meer informatie: Joost Jongerden (RSO) en Gemma van der Haar (SDC)

‘Let it flow: Navigating hydropower conflicts in southern Chile’ – PhD thesis defense by Maite Hernando Arrese

On Monday 4 December 2023 at 16.00 CET Maite Hernando Arrese will publicly defend her PhD thesis entitled ‘Let it flow: Navigating hydropower conflicts in southern Chile’. The defense will take place in the Omnia Auditorium and will also be broadcasted live (a link will appear in the events box, in the upper left corner of the screen). The full thesis can be read online or downloaded (usually from the first day after the PhD defense onwards) from the repository of Wageningen University PhD theses or by clicking on the DOI link.

Continue reading →

Rebel governance without territorial control: The experiences of the PKK in 1970s Turkey

In this article published in Geoforum Francis O’Connor and Joost Jongerden discuss the politics of citizenship in Turkey – and how voices that represent “otherness” – Kurds, peasants, women – are supressed.

Insurgent movements rely on popular support using varying strategies to build supportive constituencies, including forms of rebel governance. The rebel governance literature explicitly limits its scope to insurgent cases with territorial control, excluding all groups that did not obtain territorial control, areas of weaker insurgent presence and early phases of mobilisation. This article focuses on Kurdistan Workers Party’s (PKK) use of rebel governance (1977–1980) through municipal politics prior to the launch of its insurgency. The article makes two important contributions: firstly, it demonstrates the need to broaden the scope of the rebel governance literature to include phases where insurgent movements do not control territory. Secondly, it critiques the linearity of retrospective readings of insurgent trajectories that downplay the role of interactions and contingency in early mobilizational phases. It is based on original data including primary source documents and qualitative interviews with people involved in the PKK’s municipal politics between 1977 and 1980 in Batman and Hilvan, towns marked by conflicts among (agricultural) workers, villagers, and landlords.

Read more: https://www.sciencedirect.com/science/article/pii/S0016718523002300

The history of Dutch potato breeding (1888-2018): from hobby to industry

On the 15th of May 2019 Jan van Loon defended his PhD thesis about the history of Dutch potato breeding. This thesis was written in Dutch (see thesis cover below). Over the past two years we (Jan and his supervisors) have been working on a paper in English, summarizing the main findings of his thesis (which is over 400 pages). This was quite a challenging endeavor, but we are pleased that the paper was accepted by Potato Research and was published online this week as an open access article.

Abstract of the paper
The Netherlands has a world-leading position in potato breeding, but little is known about the factors that led to this success. This paper analyses the factors that have influenced the development of potato breeding in the Netherlands. This study is based on research of the grey and scientific literature and interviews with various representatives from the Dutch potato breeding sector. We distinguish four periods: (i) Before 1888, no potato breeding in the Netherlands existed whereas in other countries first crosses occurred. (ii) 1888–1940, more individuals started breeding out of interest and hobby to overcome the commonly observed degeneration of potato. (iii) 1940–1967 the emergence of a corporate set up of breeding by private companies collaborating with small breeders. (iv) 1967–present, towards full-fledged breeding industry supported by the new Seeds and Planting Materials Act (ZPW) in 1967 including the breeders’ rights. Many factors including cultural practices, diseases, and market that determine the strategy of breeding have been analyzed. The development is most of all ‘crop driven’ to maintain the level of production. But it was also ‘export driven’ leading to the development of an export-oriented seed potato sector. The conclusion is that three elements were dominant in the development of a strong potato breeding sector: (1) the broad cooperation among all players in the potato chain, (2) the design of the institutional infrastructure, and (3) the remuneration of the breeding work through legislation regarding plant breeders’ rights. The study ends with an outlook on future trends, one of them leading from an open to a more closed business culture.

Boerderijovernames als mogelijkheid voor landbouwtransitie: van stoppende conventionele naar startende ecologische boer

Marcha van Wijk*

Introductie
Deze blog is een samenvatting van mijn masterscriptie over de overname van conventionele boerderijen naar ecologische boerderijen. Het scriptieonderzoek heeft deze overname verkend als potentieel onderdeel van een landbouwtransitie naar meer ecologische vormen van landbouw. Terwijl boerderijovernames vaak worden bekeken vanuit een financiële lens, belicht mijn onderzoek de emotionele en relationele aspecten, die vaak over het hoofd worden gezien, terwijl ze een grote invloed hebben op de overname.

Meer dan de helft van de Nederlandse boeren van boven de vijfenvijftig jaar heeft nog geen opvolger. Dit is een van de oorzaken dat gemiddeld drie boerenbedrijven per dag worden gestopt in Nederland. Vooral kleinschalige boeren vinden vaak geen opvolger, wat ervoor zorgt dat steeds meer kleine boerderijen verdwijnen en grote boerderijen groter worden door het opkopen van vrijgekomen land. Dit is in tegenspraak met opkomende visies over duurzame voedselsystemen, zoals de Farm to Fork Strategy (2020) en iPES FOOD (2016) die juist pleiten voor natuur-inclusieve en kleinschalige landbouw.

Mijn onderzoek verkent een alternatief op deze trend. Wat als we de overname van conventionele boerderijen door ecologische – bijvoorbeeld biologische, regeneratieve en agro-ecologische – boeren kunnen faciliteren? Dit zou zowel het gebrek aan een opvolger oplossen, als een landbouwtransitie richting ecologische landbouw op gang brengen.
 
Echter, toegang tot land is een grote barrière voor zij-instromers. Hoewel dit vaak in verband wordt gebracht met de financiële kosten van grond en een boerderij, onderstreep ik de noodzaak van een holistische aanpak en onderzoek ik affectieve processen tijdens deze overname. Wanneer een boerderij wordt overgedragen, vinden er namelijk grote veranderingen plaats en dat heeft emotionele en relationele invloed op de boeren.

Continue reading →