Video explaining design of Garden city Vreewijk (in Dutch)

Het Portaal, a socially engaged communication advice bureau in Rotterdam, just released a video explaining the making of the garden city Vreewijk in Rotterdam.

Architecture historian Marinke Steenhuis explains the background of the garden city concept and comments on the design of Tuindorp Vreewijk, the first realisation of this concept in The Netherlands. Garden cities were an enlightened response to the deplorable living conditions of factory workers during the early stages of industrialisation. Workers were supposed to live in well designed but efficiently built houses, in blocks with thoughtfully located backyard gardens and communal green spaces. They were supposed to grow their own vegetables and children could play in public green areas, where once there were meadows and cows on the Isle of Ijsselmonde, at the left bank of the river Maas.   

Prive (moes)tuinen en gemeenschappelijk groen

Het Portaal developed a project, sponsored by building society Com.Wonen, to produce a whole series of videos about the transformation of Vreewijk, a much debated subject as there are widely differing views on how this prachtwijk (beautiful district) of Rotterdam needs to be retrofitted to face the challenges of the 21 first century.

Eetvervreemding

‘We weten niet meer wat er in al die pakjes en zakjes zit maar voeden graag onze verbeelding met een geidealiseerd beeld van hoe ons voedsel groeit en geproduceerd wordt’, lees ik in één van de essays in Kost, nieuwe gezichten op eten. Daarvan vond ik recent een mooi voorbeeld. Want als een stier het lef heeft dwars door dat beeld te lopen ontstaat grote consternatie. De wildebras wist half november te ontspannen uit een slachthuis in Arnhem en stoof woest door de stad totdat hij verdoofd en gevangen werd.

Ot en Sien

Binnen no time had de stier een actiegroep die hem wilde redden. 41 landelijke en regionale krantebrichten later is de stier inderdaad geadopteerd door een ‘boerderij voor ontsnapte dieren’. Nog een paar kranteartikelen verder is hij toch afgemaakt. Hij bleek nog meer driftbuien te hebben en was als opstandige puber niet handhaafbaar.

Mary Douglas beschrijft in Purity and Danger mooi wat hier gebeurt met haar concept ‘anomaly’. Een abnormaliteit is een item dat niet binnen een gegeven serie of set past. Het is ‘matter out of place’. In ons verstedelijkte brein is de categorie ‘landbouwhuisdier’ aan het verdwijnen. We houden daarmee nog twee categorieen over, (huis)dier en vlees, nu volstrekt van elkaar gescheiden.

Zo gauw een normaliter anoniem landbouwhuisdier zichzelf zichtbaar maakt ontstaat een abnormale situatie. Als (huis)dier moet hij gered worden, de lapjes van zijn anonieme broertjes mogen op ons bord verschijnen als vlees.

Verandering van spijs doet eten (2)

Een centraal begrip in de literatuur over ‘alternatieve voedselnetwerken’ (zoals groentepakketten of boerenmarkten) is ‘verankering’. Binnen de nieuwe vormen van verkoop vindt verankering plaats in lokale ketens, sociale netwerken en ecologisch bewustzijn. Alternatief in tegenstelling tot gangbaar waar de supermarkt gericht is op anonimiteit/inwisselbaarheid van ingredienten, communcatie via labels, standaard beschikbaarheid ongeacht seizoen en zwijgt over onzichtbare milieukosten. Waar bevindt de Nederlandse versmarkt zich eigenlijk in dit soms zwart/wit debat?

Farmers Market Des Moines US

Cleo van Rijk onderzocht de centrale versmarkten in de vier grootste Brabantse steden en kwam tot opmerkelijke ontdekkingen. Ze bevestigt de stelling van Marsden en Sonnino (2006) dat er geen scherpe scheiding is tussen ‘alternatief’ en ‘gangbaar’. Maar de versmarkt, zo blijkt, heeft een heel eigen logica met elementen van beide.

Overal in Nederland staan de versmarkten onder druk, het marktaandeel van de ambulante handel neemt elk jaar af. Het onderzoek laat zien dat de eigen logica van de versmarkt verrassend goed past bij het soort verankering waar alternatieve netwerken naar streven. Veel van deze verankering is echter nog niet als zodanig herkend en zichtbaar gemaakt.

Na de ontdekking van de moestuin wordt het tijd de traditionele versmarkt te integreren in het nieuwe denken over voedsel. Elke gemeente die bezig wil met een stedelijke voedselstrategie (en van daaruit wellicht een boerenmarkt overweegt) kan haar versmarkten niet buiten beschouwing laten.

Cleo’s onderzoek komt in Januari beschikbaar.

Verandering van spijs doet eten (1)

Eindelijk tijd voor allerlei niet-urgente boeken. En voor de catalogus voor het nieuwe moestuinseizoen. Ik lees in ‘Kost, nieuwe gezichten op eten’ over de herontdekking van de moestuin. Niet door moestuinierders, vele complexen zijn decennia oud. Maar door ‘cultuurmakers’. Zij ‘nemen het gangbare denken in onze samenleving niet voor lief’.

In gangbare stadsplanning was ‘t moestuincomplex tot voor kort een rafelig en rommelig stuk groen, bij uitstek verbannen naar ‘overgebleven’ stukjes stad zoals vanuit de trein goed te zien is. Zonder overkoepelend ontwerp en beheersplan een doorn in ‘t oog van menig landschapsarchitect of planner. Binnen ‘t nieuwe perspectief representeert een volkstuinencomplex ‘diversiteit’ zowel bio als cultureel.

Moestuinierders worden achteraf ingevoegd in het ‘locavore’ denken; zij weten immers nog waar hun eten vandaan komt en reduceren voedselkilometers nogal drastisch met de fiets. Een groot deel van de moestuinierders ontgaat deze ‘post-fitting‘. Zij zijn niet bezig met ‘heirloom’ zaden, biodiversiteit of eetbaar onkruid maar met gangbaar tuinieren; monocultuur op postzegel formaat. De biodiverse – lees rommelige – tuin van de buurman is hén een doorn in het oog.

Het is een goede zaak dat cultuurmakers inclusief beleidsmakers en stadsplanners nieuwe belangstelling hebben voor moestuinen. Zijn we zelfs het post-moderne falliet van die ene waarheid voorbij? Duizend bloemen bloeien en maken samen een groot verhaal.

FoodWorks – New York City’s innovative and ambitious food strategy

On November 22nd, the New York City Council presented a comprehensive plan that sets a bold vision for a more sustainable food system. The plan, ‘FoodWorks’, addresses sustainability and health issues at every phase of the food system – from agricultural production, processing, distribution, consumption and post-consumption. The objectives of FoodWorks range from combating hunger and obesity to preserving regional farming and local food manufacturing to decreasing waste and energy usage.

FoodWorks contains 59 policy proposals spanning five phases of the food system. The proposals include new legislation, funding initiatives and far-reaching goals that present a long-term vision for a better food system.

  • Agricultural Production – Support regional farmers, strengthen regional linkages, and increase urban food production 
  • Processing – Generate growth and employment in the food sector
  • Distribution – Improve food distribution channels into and within the city
  • Consumption – Fresh food must be available to New Yorkers regardless of where they live
  • Post-Consumption – Seize opportunities to reduce and recapture waste

The New York Council worked with experts including farmers, gardeners, chefs, partners in government and labor, as well as hunger and environmental advocates throughout the process of developing the Food Works report.  Both content-wise and process-wise New York City’s food policy FoodWorks is innovative and ambitious and can serve as an inspiration for many city councils across the world.